Categorie archief: Geen categorie

Beelden in Amsterdam Zuid

De fraaiste allee van Amsterdam is toch wel de Apollolaan.  In het midden een brede groenstrook met hagen en bloempartijen, bomenrijen aan weerszijden, geen tramverkeer, weinig auto’s, brede trottoirs, gemaakt om op een warme zomeravond uit flaneren te gaan. Maar waarom zou je? Zonder terrassen en andere wandelaars, behalve een enkeling die zijn hondje uitlaat. Maar nu is er dan Art Zuid en kan je langs beelden slenteren en commentaar leveren. Een reden om er op een zonnige dag te gaan kijken en op een geïmproviseerd terras te zitten waar je bediend wordt door hele aardige vrijwilligers.

De beelden zijn bij elkaar gebracht en erg mooi neergezet door Rudi Fuchs, voormalig directeur van het Stedelijk, en Maarten Bertheux,  voormalig conservator van het Stedelijk. Fuchs was ooit degene die in het Stedelijk de abstracte kunst aan de kant schoof voor de nieuwe figuratie van Duitsers en Italianen, onder wie Baselitz, Penck, Lüpertz, Mimo Palladino. Hij bracht ook een nieuwe stijl van exposeren in, gebaseerd op overeenkomsten in vorm en kleur. Tot ergernis van veel kunsthistorici, die vinden dat exposities een chronologische ontwikkeling moeten laten zien, of in ieder geval voldoende informatie verschaffen over kunstenaars en hun tijd. Zo niet Fuchs, die van mening is dat mensen moeten kijken naar een kunstwerk zoals het zich voordoet, zonder de ballast van geschiedenis en meningen. Daar is wat voor te zeggen, maar zelf heb ik liever wat meer context.

Paard met luikje van Mimo Palladino, 2005, aluminium en ijzer

Paard met luikje van Mimo Palladino, 2005, aluminium en ijzer

De beelden langs de Apollolaan en de Minervalaan zijn volgens de ideeën van Fuchs opgesteld als een “theatraal spektakel, met de hoge bomen als coulissen, in een mise-en scène van licht en schaduw”, als in een “ruimtelijke regie”. Het resultaat is een esthetisch zeer verantwoord geheel, maar  daardoor ook een beetje saai. Ondanks de intrigerende beelden van Mimo Palladino, de aandoenlijke herder met lam van Lüpertz. De opwinding over te bonte kleuren, vreemde vormen of gekke dingen ontbreekt.

Hirte, Markus Lüpertz, 1986, geverfd brons

Hirte, Markus Lüpertz, 1986, geverfd brons

Ook zonder Art Zuid is de Apollobuurt rijk aan beelden. Zo zijn de huizenrijen langs de Minervalaan rijkelijk versierd met jaren dertig kariatiden; bij de bruggen aan het Muzenplein en langs het water aan de kant van het Apollohotel bevindt zich het zogenaamde kinderhofje, een rijtje beelden van kinderen met dieren. Nog uit de periode van de grootste en de mooiste stadsuitbreiding die Amsterdam heeft gekend, Plan Zuid van Berlage uit de jaren dertig. Meer hierover op de site van museum het schip

Meisje met kat en vogel, Frits van Hall

Meisje met kat en vogel, Frits van Hall

Art Zuid, internationale sculptuurroute Amsterdam 2015, tot 20 september.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

Explosies van kleur

Van sommige kunstwerken word je heel erg hebberig. In gedachten zie je het al bij jou thuis, aan de lichte muur boven de bank, zo’n uitbundig bloemstilleven van Leo van Gestel, in honderden kleurfragmenten uiteenspattend, of een van zijn zuidelijke landschappen, de hoekige huisjes, de ronde vormen van de olijfbomen. Een brutaal lila naakt tegen een blauwgroene achtergrond, de kleuren subtiel laag over laag met pastelkrijt en waterverf, die mag in de slaapkamer. Het is kunst waarvan je iedere dag weer blij kan worden. Kunst voor in huis, alleen wel voor wie het kan betalen. Want krijgt een kunstenaar eenmaal een museumtentoonstelling, dan schieten de prijzen omhoog.

Stilleven met goudsbloemen, klaprozen, bottelrozen, 1913

Stilleven met goudsbloemen, klaprozen, bottelrozen, 1913

Leo Gestel, Mallorca,Terreno

Leo Gestel, Mallorca,Terreno, 1914

Het Singermuseum in Laren heeft een grote overzichtstentoonstelling van de schilder Leo van Gestel (1881-1941). Hij was een gretige volger van de nieuwste stromingen in de schilderkunst in zijn tijd, die hij allemaal in zijn werk toepaste. Zo volg je van zaal tot zaal hoe zijn stijl telkens mee veranderde met alle belangrijke ontwikkelingen in de schilderkunst van toen. Eerst schilderde Van Gestel landschappen in pointilistische en luministische stijl in navolging van Signac en Seurat, toen volgde een ‘fauvistische’ periode, met dik aangezette contouren, onvermengde kleuren en subjectief kleurgebruik, in de stijl van Matisse en Van Dongen. Na een verblijf in Parijs, waar hij kennis maakte met het werk van Picasso en Braque, schilderde hij een tijdlang kubistische landschappen en bloemstillevens. Ook experimenteerde hij met de principes van beweging en snelheid uit de futuristische beweging van Marinetti en Severini. Tenslotte bleef hij tot zijn dood in 1941 min of meer expressionistisch schilderen, veel donkere winterse landschappen en sombere houtskooltekeningen, die doen denken aan het werk van Käthe Kollwitz. Alles bij elkaar een veelzijdig en knap kunstenaar, maar misschien wel zo veelzijdig, van het ene genre naar het andere, dat hij nooit heel duidelijk tot een eigen stijl kwam.

Eigenlijk is dat alleen hele grote kunstenaars gegeven. Degenen die consequent doorgaan, hun stijl steeds verder ontwikkelen, zijpaden inslaan, terugkeren, weer verder gaan en uiteindelijk een uniek en ongeëvenaard oeuvre nalaten. Zoals Matisse, de grote Matisse. Hij was groots, maar zijn werk paste ook heel goed in de huiskamer. Ooit verklaarde hij “een kunst te willen scheppen van evenwicht, zuiverheid en sereniteit, een kunst die rustgevend moest zijn voor mensen die met hun hoofd werkten…kunst als een prettige luie stoel, om uit te rusten van gedane arbeid”.

In 1905 kochten Gertrude en Leo Stein in Parijs Vrouw met hoed van Matisse voor 40 dollar. Die hing in hun huiskamer, tussen de Cézannes, Renoirs, Gauguins en Picasso’s. Kunstenaars die toen nog niet algemeen werden gewaardeerd. Ja, dat was toen…

interieur Gertrude en Leo Stein, 1905, 27 Rue de Fleuris, Paris

interieur Gertrude en Leo Stein, 1905, 27 Rue de Fleuris, Paris

Voor ons geen originele Matisse in de huiskamer, dat zit er zeker niet in. Daarvoor gaan we nu naar het Stedelijk. Ook al zijn daar geen fauteuils.

De Oase van Matisse in het Stedelijk is werkelijk schitterend! Met als hoogtepunt de zaal met knipsels.

Vrouw met hoed, 1905, Henri Matisse (Museum of Modern Art, San Francisco)

Vrouw met hoed, 1905, Henri Matisse (Museum of Modern Art, San Francisco)

Gestel in Singer Laren, tot 7 juni 2015

De Oase van Matisse, Stedelijk Museum Amsterdam, tot 16 augustus 2015

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie

Kunst van de eenvoud

 

 

herman de vries naakt met vriendin in landschap

herman de vries naakt met vriendin in landschap

Je moet er maar opkomen. Een groot blad papier onder een boom, de blaadjes die her en der op het papier vallen plak je vast, een lijst er omheen en ziedaar, een kunstwerk. En ja, het is mooi. Dan kan je wel denken ‘dat kan ik ook’, maar zo werkt het niet. Want het werd namelijk al bedacht en gedaan. Evenals een strakke rij recht afgezaagde rozentakken, talloze variëteiten grassen op een minimaal stukje grond, verschillende kleuren aarde, ingelijst aan de museumwand, een tapijt van rozenknoppen op de vloer. Het is de neerslag van vele jaren lang kunstenaarschap en leven met de natuur, vanuit de gedachte dat er in de natuur geen waardeoordelen bestaan, dat de dingen zijn zoals ze zijn, niet meer en niet minder. Vandaar ook de naam van de kunstenaar, herman de vries, zonder hoofdletters. Immers hoofdletters drukken een hiërarchie uit en zijn eigennaam betekent niet meer dan de naam van een plant, vindt hij. Een schijnbaar eenvoudige opvatting, maar met vergaande consequenties. Want wie niet meer denkt in categorieën van mooi of lelijk, kunst of geen kunst, verruimt niet alleen zijn blik op de kunst, maar ook op de wereld. Zo’n open blik biedt een scala aan ongekende mogelijkheden. Letterlijk ongekend, want wat je niet eerder zag kende je ook niet.

juli 2008 1e opbouw van Mesa

mesa, 1996-2007, Kröller-Müller Museum, Otterlo

 

herman de vries, vergankelijkheidswerk, beenderen en hout, 2012-2013. © collectie herman & susanne de vries, Eschenau

herman de vries, vergankelijkheidswerk, beenderen en hout, 2012-2013. © collectie herman & susanne de vries, Eschenau

De manier waarop herman de vries de wereld beleeft en in zijn kunst verwerkt heeft te maken met zijn zenboeddhistische instelling. Zoals meer kunstenaars in de jaren zestig op zoek naar nieuwe wegen, maakte hij kennis met de opvattingen van de zenboeddhistische filosoof Daisetz T. Suzuki. Deze was de leermeester van componist John Cage, indertijd dé grote inspirator van vernieuwende kunstuitingen. Bij zijn composities liet Cage zich vaak leiden door het toeval, en bij de uitvoering van zijn stukken speelden omgevingsgeluiden als het klepperen van een raam, gekuch van het publiek, een even grote rol als de compositie zelf – vanuit het idee dat alles deel uitmaakt van willekeurige, nooit eindigende processen en dat de essentie van het leven bestaat uit de beleving van het hier en nu, en de gelijkwaardigheid van alles wat er op een gegeven ogenblik plaatsvindt. Dit soort ideeën hebben geleid tot mooie, gekke, geestige en ook onzinnige kunstuitingen. Zoals het befaamde leeggooien van een flesje limonade in zee door Wim T. Schippers en Willem de Ridder op 29 oktober 1961 (nu weer te zien in het Stedelijk Museum Amsterdam), de schoonheid van de lichtval op een serie plastic zakjes gevuld met water door Henk Peeters (nog te zien op de tentoonstelling Ik hou van Holland, Nederlands Kunst na 1945 in het gemeentemuseum van Schiedam) en ook de happenings  in de jaren zestig, waar alles wat zich op een bepaald moment voordeed tot kunst werd verheven, tot het aantrekken van je jas bij de kapstok tot het schreeuwen van Klaas komt op het Spui toe.

Het geeft helemaal niet dat de tentoonstelling met het werk van herman de vries in Schiedam is afgelopen.  Een paar grasjes tussen een trottoirtegel, kale takken van een boom langs de straat, de afdruk van een poot in de sneeuw…je hoeft er niet speciaal voor naar een museum.

Herman de vries komt terug op de komende Biënnale in Venetië. Werk van hem is dan te zien in het Rietveldpaviljoen en hij zal iets maken op een eilandje in de lagune. Of misschien laat hij het eilandje gewoon het eilandje, dat zou ook heel goed kunnen.

De ideeën van herman de vries zijn nog springlevend en altijd geldend. Toch is het het jammer dat er voor herman de vries is gekozen op de Biennale. Er zijn nog wel andere Nederlandse kunstenaars die iets te vertellen hebben over de tijd waarin wij leven, met kunst die nu van belang is. Bijvoorbeeld iemand als Joep van Lieshout, of zijn naamgenoot, Erik van Lieshout. Allebei hebben ze iets te melden over de wereld van nú, niet zo lieflijk met grasjes en zo, maar ook gewelddadig. Ook dat is de realiteit. Lees het interview van Hans den Hartog Jager met Erik van Lieshout.

http://www.hansdenhartogjager.nl/web/Artikelpagina-Lezen/Interview-met-Erik-van-Lieshout.htm

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Geen categorie